Inhoud Wedstrijdreglement, sectie Olympisch boksen
HOOFDSTUK I : ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 102: Organisatie van wedstrijden
Artikel 103: Financiële vergoedingen
Artikel 104: Leeftijdsbepalingen amateur-boksers
Artikel 105: Indeling van amateur-boksers
Artikel 106: Overgang junior naar seniorklasse
Artikel 107: Gewichtsklassen amateur-boksers
Artikel 108: Junior & seniorwedstrijden
Artikel 110: Recht van vrije toegang
Artikel 111: Toepassing van het AIBA of EABA reglement
Artikel 111a: Beëindiging beroepsstatus
HOOFDSTUK II : MATERIALEN BIJ AMATEUR-WEDSTRIJDEN
Artikel 115: Kleding en uitrusting
HOOFDSTUK III : BEOORDELINGEN/PUNTENWAARDERINGEN/UITSLAGEN
Artikel 116: Wijze van beoordelen
Artikel 117: Vermaningen, waarschuwingen, diskwalificaties
Artikel 118: Bekendmaking van een waarschuwing
Artikel 121: Mogelijkheden van uitslagen
Artikel 122: Het "neer zijn/gaan" van een bokser
Artikel 123: Tellen voor neergaan
Artikel 124: Verboden stoten of handelingen
Artikel 125: Staken van een partij
HOOFDSTUK IV : DE TRAINER/COACH & DE HELPER
Artikel 127: De trainer/coach &
de helper
HOOFDSTUK V : KAMPIOENSCHAPPEN
Artikel 129: Nationale Kampioenschappen (N.K.)
Artikel 131: Districtkampioenschappen
Artikel 133: Startverbod na inschrijving
HOOFDSTUK VI : ASPIRANTENBOKSEN
Artikel 135 : reserve (geschrapt AV 280603)
Artikel 136: Indeling in leeftijd & klasse
Artikel 137: Deelname aan wedstrijden
Artikel 138: Mogelijke organisaties voor aspiranten/cadetten
Artikel 139: Toezicht op aspirantenwedstrijden – Officials
Artikel 140: Indeling, beoordeling en mogelijke uitslagen van partijen
Artikel 141: Overige bepalingen
|
|
|||||
|
101.1. |
De bepalingen, opgenomen in het Wedstrijdreglement, sectie Olympisch boksen, kortweg WR amateurs, gelden uitsluiten voor alle amateur-beoefenaars van de bokssport. |
||||
|
101.2. |
De bepalingen, opgenomen in het WR amateurs, zijn eveneens van toepassing op alle amateur-beoefenaars, tenzij uitdrukkelijk anders is vermeld. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
102.1. |
Amateur-wedstrijden kunnen alleen worden georganiseerd door het Bondsbestuur van de NBB, de districtsbesturen of één der bij de NBB aangesloten verenigingen. |
||||
|
102.2. |
Leden uit de beroepssectie kunnen geen amateur-wedstrijden organiseren; zij dienen hiertoe een samenwerking aan te gaan met één der in lid 1 genoemde organen. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
|
Vergoedingen, welke aan een amateur-bokser worden betaald naar aanleiding van door hem verleende diensten t.b.v. commerciële activiteiten, bokswedstrijden of -demonstraties of anderszins, dienen altijd te dienen ter bestrijding van training en andere kosten direct voortvloeiende uit de beoefening van de sport en mogen in geen geval worden aangewend voor andere doeleinden dan die welke, krachtens I.O.C.-bepaling nummer 26, zijn omschreven of bedoeld; de betrokken sporter dient een trainingsfonds rekening te openen welke door een derde moet worden beheerd. |
||||
|
|
|||||
|
|
(Wijziging 104.1. AV 091295) (2/schrappen lid 2 & aanpassing leeftijd lid 3; AV 151197) (3/wijziging leeftijd; AV 230601) |
||||
|
104.1. |
Diegenen, die aan wedstrijden wensen deel te nemen, dienen tenminste 10 en ten hoogste 35 jaar oud te zijn. |
||||
|
104.2. |
Een bokser die al eerder aan onder NBB reglementen georganiseerde wedstrijden deel heeft genomen en zich hernieuwd als bondslid aanmeldt voor deelname aan wedstrijden, mag de leeftijd van 34 jaar niet hebben overschreden indien hij al langer dan vijf jaar niet aan wedstrijden heeft deelgenomen; voorts kan de D.T.C. van het district waartoe hij behoort, dan wel de Medische Commissie op medische gronden, hem hernieuwde deelname aan bokswedstrijden verbieden. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ wijziging 105.1.; AV 230690) (2/ wijziging 105.1.; AV 200692) (3/ wijziging 105.1.: AV 230601) (4/ wijziging 105.1.; AV 260604) |
||||
|
105.1. |
Amateur wedstrijdboksers worden verdeeld in: |
||||
|
105.1.1. |
aspiranten: vanaf de dag waarop zij de 11-jarige leeftijd bereiken; |
||||
|
105.1.2. |
cadet: vanaf de dag van het bereiken van de 15-jarige leeftijd; |
||||
|
105.1.3. |
junior: vanaf de dag van het bereiken van de leeftijd van de 17 jaar; |
||||
|
105.1.4. |
senior: vanaf de dag van het bereiken van de leeftijd van 19 jaar tot maximaal 31 december van het jaar waarin hij/zij de 35-jarige leeftijd bereikt. Een seniorbokser die als 17- of 18-jarige juniorbokser dispensatie ontving van zijn D.T.C. en de TR kan niet meer als juniorbokser deelnemen aan nationale wedstrijden; wel kan deze bokser deelnemen aan internationale juniorwedstrijden op voordracht c.q met goedkeuring van de TR; |
||||
|
105.1.5. |
recreantboksers: recreantboksers zijn de boksers die als zodanig zijn ingeschreven als bondslid. Zij kunnen vanaf 10-jarige leeftijd tot maximaal 31 december van het jaar waarin zij 60 jaar worden deelnemen aan de graduerings-examens voor het recreatieboksen van de NBB. Deelname aan graduerings-examens staat tevens open voor wedstrijdboksers in alle categorieën; |
||||
|
105.1.6. |
damesboksers: vrouwen mogen in wedstrijden niet tegen mannen uitkomen. |
||||
|
105.2. |
Aspirant/cadetboksers: bepalingen voor deelname aan wedstrijden door aspiranten/cadetten zijn in dit reglement in een apart hoofdstuk opgenomen. |
||||
|
105.3. |
Juniorboksers zijn als volgt onderverdeeld: |
||||
|
105.3.1. |
Junior N(nieuwelingen)-klasse; zijn de junioren, die nog geen 3 wedstrijden hebben gewonnen; |
||||
|
105.3.2. |
Junior C-klasse; zijn de junioren, die 3, 4, 5 of 6 wedstrijden hebben gewonnen; |
||||
|
105.3.3. |
Junior B-klasse; zijn de junioren, die 7, 8, 9 of 10 wedstrijden hebben gewonnen; |
||||
|
105.3.4. |
Junior A-klasse; zijn de junioren, die 11 of meer wedstrijden hebben gewonnen. |
||||
|
105.4. |
Seniorboksers zijn als volgt onderverdeeld: |
||||
|
105.4.1. |
Senior N(nieuwelingen)-klasse; zijn de senioren, die nog geen 3 wedstrijden hebben gewonnen; |
||||
|
105.4.2. |
Senior C-klasse; zijn de senioren, die 3 t/m 7 wedstrijden hebben gewonnen; |
||||
|
105.4.3. |
Senior B-klasse; zijn de senioren, die 8 t/m 12 wedstrijden hebben gewonnen; |
||||
|
105.4.4. |
Senior A-klasse; zijn de senioren, die 13 of meer wedstrijden hebben gewonnen. |
||||
|
105.5. |
DISPENSATIE: |
||||
|
105.5.1. |
In bijzondere gevallen kan door het districtsbestuur, op voordracht van de D.T.C., dan wel door het Bondsbestuur op voordracht van de Technische Raad, een junior of seniorbokser worden ingedeeld in een hogere klasse dan die, welke voor hem in verband met het aantal door hem gewonnen wedstrijden, is aangewezen. |
||||
|
105.5.2. |
Indien door het districtsbestuur dispensatie wordt verleend, is het districtsbestuur verplicht direct na verlenen van dispensatie hiervan aantekening te maken in het startbewijs van de betrokken bokser en gelijktijdig het bondsbureau schriftelijk van de verleende dispensatie te informeren. |
||||
|
105.5.3. |
Indien door het Bondsbestuur dispensatie wordt verleend, zal het startbewijs van betrokkene worden ingenomen door het bondsbureau ter aantekening van de dispensatie, waarvan gelijk het betreffende district schriftelijk wordt geïnformeerd. Het aantekenen van de dispensatie kan ook door één der TR leden geschieden. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Wijziging 106.1./106.2.; AV 200692) (2/ Wijziging 106.1.: AV 280603) |
||||
|
106.1. |
Junioren gaan automatisch over naar de seniorenklasse op de dag van het bereiken van de 19-jarige leeftijd bereiken, met dien verstande dat: |
||||
|
106.1.1. |
Junior N-klasse gaat over naar de Senior N-klasse; |
||||
|
106.1.2. |
Junior C-klasse gaat over naar de Senior N-klasse; |
||||
|
106.1.3. |
Junior B-klasse gaat over naar de Senior C-klasse; |
||||
|
106.1.4. |
Junior A-klasse gaat over naar de Senior B-klasse; |
||||
|
106.1.5. |
Junior A-klasse met 20 of meer gewonnen partijen in de juniorklasse gaat over naar de Senior A-klasse. |
||||
|
106.2. |
In bijzondere gevallen kan een junior, die de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, door de Technische Raad een dagdispensatie worden verleend voor wat betreft de overgang naar de Seniorklasse; de TR zal van de dispensatie aantekening maken in het startbewijs, waarbij in het geval van verlenen van dispensatie rekening gehouden dient te worden met het feit, dat betrokkene alleen in de Senior A-klasse kan worden ingedeeld. |
||||
|
|
|||||
|
|
......... (Wijziging 107.1 & 107.4..: AV 280603) |
||||
|
107.1. |
De amateur wedstrijdboksers worden onderverdeeld in elf gewichtsklassen, te weten: 1. lichtvlieggewicht: t/m 48 kg (L.Vl.) 2. vlieggewicht: t/m 51 kg (Vl.) 3. bantamgewicht: t/m 54 kg (B.) 4. vedergewicht: t/m 57 kg (V.) 5. lichtgewicht: t/m 60 kg (L.) 6. lichtweltergewicht: t/m 64 kg (L.W.) 7. weltergewicht: t/m 69 kg (W.) 8. middengewicht: t/m 75 kg (M.) 9. halfzwaargewicht: t/m 81 kg (H.Z.) 10. zwaargewicht: t/m 91 kg (Z.) 11. superzwaargewicht+ 91 kg (S.Z.) |
||||
|
107.2. |
In zeer bijzondere gevallen gedurende D.K.'s of N.K.'s kan de D.T.C. resp. de Technische Raad toestemming verlenen aan boksers, ingedeeld in verschillende gewichtsklassen, tegen elkaar uit te komen. In dat geval mag slechts één gewichtsklasse verschil worden toegestaan. |
||||
|
107.3. |
Indien dispensatie wordt verleend als bedoeld in lid 2 dient het daarvoor verantwoordelijke D.T.C.- resp. TR-lid zulks aan te tekenen op het Proces Verbaal, voorzien van zijn handtekening en de dispensatie aan zijn districtsbestuur te rapporteren. |
||||
|
107.4. |
De dames wedstrijdboksers worden onderverdeeld in veertien gewichtsklassen, te weten: t/m 46 kg * t/m 48 kg * t/m 50 kg * t/m 52 kg * t/m 54 kg * t/m 57 kg * t/m 60 kg 1. t/m 63 kg * t/m 66 kg * t/m 70 kg * t/m 75 kg * t/m 80 kg * t/m 86 kg * 86+ kg |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Wijziging 108.2.; AV 230690) (2/ Wijziging 108.3.; AV 190693) (3/ Wijziging leden 2 en 3; AV 190699) (4/Wijziging 108.1., 108.2.1 en 108.3.: AV 280603) |
||||
|
108.1. |
Junior en seniorwedstrijden mogen op één wedstrijdprogramma worden georganiseerd, met dien verstande dat een junior, behoudens dispensatie van de TR of DTC, nimmer mag uitkomen tegen een senior in een partij. |
||||
|
108.2.1. |
Duur der ronden bij senioren: 1. A-klasse: 4 ronden van 2 minuten elk 2. B-klasse: 4 ronden van 2 minuten elk 3. C-klasse: 3 ronden van 2 minuten elk 4. N-klasse: 3 ronden van 2 minuten elk. |
||||
|
108.2.2. |
Het boksen van een partij van 4 ronden van elk 2 minuten door senioren in de A- of B-klasse is alleen toegestaan indien de trainers van betreffende boksers hierover overeenstemming hebben bereikt; deze bepaling geldt niet voor de NK’s. |
||||
|
108.3. |
Duur der ronden bij junioren: 1. A-klasse: 4 ronden van 2 minuten elk 2. B-klasse: 4 ronden van 2 minuten elk 3. C-klasse: 3 ronden van 2 minuten elk 4. N-klasse: 3 ronden van 2 minuten elk. |
||||
|
108.4. |
Tussen elke ronde geldt te allen tijde 1 minuut rustpauze. |
||||
|
108.5. |
Het inlassen van een extra pauze tijden de ronden is niet toegestaan. |
||||
|
|
|||||
|
|
......... (Wijziging 109.1.: AV 280603) |
||||
|
109.1. |
De bokser, die een startverbod opgelegd heeft gekregen, mag onder geen voorwaarde uitkomen in een bokswedstrijd in binnen of buitenland. Deze bepaling is eveneens van kracht indien er tijdens de beoefening van andere contactsporten zich situaties hebben voorgedaan welke krachtens de reglementen van de NBB een startverbod zouden rechtvaardigen. |
||||
|
109.2. |
Een startverbod kan worden opgelegd door de ringarts, i.c Medische Commissie of, in bijzondere gevallen, door het Bondsbestuur van de NBB. |
||||
|
109.3. |
Overtreding van de in lid 1 omschreven bepaling kan leiden tot tuchtrechtelijke maatregelen, als omschreven in het Tuchtreglement van de NBB, tegen de betreffende bokser en diens verantwoordelijke trainer. Eventueel kunnen tuchtrechtelijke maatregelen eveneens worden opgelegd aan de verantwoordelijke officials tijdens de wedstrijden, waar de overtreding als bedoeld in lid 1, heeft plaatsgevonden. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Wijziging 110.1. & toevoeging 110.2.k; AV 230690) |
||||
|
110.1. |
Recht van vrije toegang op alle vereniging en/of districtsorganisaties hebben alle deelnemende boksers en hun trainers alsmede in functie zijnde officials, leden van het Bondsbestuur en van het districtsbestuur van het district waar de wedstrijden worden gehouden. |
||||
|
110.2. |
Recht van vrije toegang tot alle bondsorganisaties hebben: 1. leden Bondsbestuur; 2. personeel NBB; 3. leden Technische Raad en de bondscoördinator; 4. leden Medische Commissie; 5. leden SR/J Commissie; 6. Ereleden, Leden van Verdienste van de NBB; 7. de voor die organisatie aangewezen bondsofficials; 8. de deelnemende boksers plus aangewezen reserves; 9. per deelnemende vereniging twee trainers, i.c. 1 trainer en 1 helper, door de betreffende vereniging aangewezen; 10. door de NBB uitgenodigde personen; 11. leden van het districtsbestuur van het district waar de wedstrijden worden gehouden. |
||||
|
110.3. |
Recht van vrije toegang tot alle bondsorganisaties met een internationaal karakter hebben: 1. alle onder lid 2 genoemde personen; 2. bestuursleden of officials van één der bij de EABA of AIBA aangesloten bonden, dan wel bestuur of commissieleden of officials van EABA of AIBA. |
||||
|
110.4. |
Voor zover de onder de leden 2 en 3 genoemde personen niet door het Bondsbestuur uitgenodigd werden, dienen aanvragen voor een plaatsbewijs voor een bondsorganisatie tot uiterlijk één week voorafgaand aan de betreffende bondsorganisatie schriftelijk aan het bondsbureau te zijn ingediend. |
||||
|
110.5. |
Door de NBB verstrekte uitnodigingen zijn strikt persoonlijk. |
||||
|
110.6. |
Voor zover de mogelijkheden dit toelaten, dienen plaatsen aan de ring voor alle in dit artikel genoemde organisaties, te worden gereserveerd voor: 1. leden van het Bondsbestuur; 2. leden van de D.T.C. of TR en de bondscoördinator; 3. leden van de Medische Commissie; 4. leden van de SR/J Commissie. |
||||
|
110.7. |
Indien niet voldoende zitplaatsen aan de ring kunnen worden gerealiseerd voor de in lid 6 omschreven officials, dienen zitplaatsen op de 1e rij, zo mogelijk, te worden gereserveerd. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
111.1. |
Bij nationale of internationale bondsorganisaties, kan het Bondsbestuur bepalen dat de wedstrijden worden gehouden onder AIBA of EABA reglement. |
||||
|
111.2. |
Indien het Bondsbestuur hiertoe besluit, dient zij alle betrokken deelnemers en officials hiervan uiterlijk tien dagen voorafgaand aan de wedstrijd in kennis te stellen. |
||||
|
111.3. |
Alle overige amateur-organisaties in Nederland mogen alleen onder NBB reglementen worden gehouden. |
||||
|
|
|||||
|
|
(toegevoegd: AV 26 juni 2004) |
||||
|
111a.1. |
BEROEPSBOKSER: |
||||
|
111a.1.1. |
Een beroepsbokser, die de amateurstatus wenst aan te vragen, dient zulks schriftelijk via het bondsbureau te doen onder inzending van zijn licentie en internationale startbewijs. |
||||
|
111a.1.2. |
Het Bondsbestuur zal na verkregen advies van de Medische Commissie over de aanvrage een beslissing nemen; hangende de behandeling van de aanvrage kan betrokkene niet aan beroeps of amateur-wedstrijden deelnemen. |
||||
|
111a.1.3. |
Indien de aanvraag wordt goedgekeurd, zal tussen het tijdstip van de laatste beroepspartij van betrokkene en de eerste partij als amateur na beëindiging van de beroepsstatus tenminste zes maanden dienen te verstrijken. |
||||
|
111a.1.4. |
Een oud-beroepsbokser, die toestemming krijgt als amateur-bokser aan wedstrijden deel te nemen, zal ingedeeld worden in de A klasse; hij kan aan alle wedstrijden deelnemen behoudens titelwedstrijden van districten of N.B.B. en interlands, conform de internationale reglementen. |
||||
|
111a.1.5. |
Een beroepsbokser die een aanvraag indient om terug te gaan naar de amateurstatus, wordt geacht alle contractuele verplichtingen, jegens zijn manager te zijn nagekomen; dan wel dat het managerscontract met wederzijds goedvinden is ontbonden, waarvan een schriftelijke verklaring, door beide partijen getekend, aan het bondsbureau dient te worden aangeboden. |
||||
|
111a.2. |
BEROEPSSCHEIDSRECHTER: |
||||
|
111a.2.1. |
De beroepsscheidsrechter, die zijn beroepsstatus wenst te beëindigen, dient een hiertoe strekkend verzoek te zenden aan het bondsbureau van de N.B.B. dat voor verspreiding van dit verzoek zorg draagt aan de SR/J Commissie, Bondsbestuur en andere betrokkenen. |
||||
|
111a.2.2. |
De SR/J Commissie kan de betrokken scheidsrechter binnen één maand na indiening van het onder lid 1 genoemde verzoek, weer als amateur-scheidsrechter of -jurylid opstellen in de amateur-wedstrijden mits betrokkene door de SJ/C kapabel wordt geacht om amateur-wedstrijden te leiden en/of te berechten. |
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
112.1. |
De afmeting van de ring, gemeten binnen de ringtouwen, is 6,10 x 6,10 meter. Dispensatie geldt voor ringen, welke zijn aangeschaft voor 1983. |
||||
|
112.2. |
De ringvloer moet van een veilige en vlakke constructie zijn zonder enig uitsteeksel en moet minimaal 50 centimeters buiten de ringtouwen steken. De ringvloer dient minimaal 91 en maximaal 122 centimeters boven de vloer te reiken, behoudens toneelringen welke alleen op een verhoging mogen worden gebruikt. |
||||
|
112.3. |
De ringvloer moet bedekt zijn met een elastische laag rubber, vilt of ander elastisch materiaal met een minimale dikte van 1,5 en een maximale dikte van 1,9 centimeters. Over het elastische onderdek wordt een canvaszeil zonder plastic coating aangebracht, dat met het onderdek samen, de hele ringvloer moet bedekken en in geen geval glad mag zijn. |
||||
|
112.4. |
De trappen dienen aan twee tegenover elkaar liggende hoeken, respectievelijk rood en blauw gemarkeerd aan de ringpalen, goed bevestigd te zijn aan de ring zelf. Zo mogelijk dient een derde trap t.b.v. de ringarts en de SR zodanig te zijn aangebracht, dat deze door de ringarts vanuit zijn positie in een neutrale hoek kan worden gebruikt. |
||||
|
112.5. |
Bij de trappen dienen de volgende materialen aanwezig te zijn: |
||||
|
112.5.1. |
een bak met een goed soort hars te gebruiken door de boksers om eventueel uitglijden in de ring te voorkomen; |
||||
|
112.5.2. |
een emmer water, drinkfles; |
||||
|
112.5.3. |
een spuwbak; |
||||
|
112.5.4. |
een krukje of een verdraaibaar zitje, aan de ringpaal bevestigd; |
||||
|
112.5.5. |
een fles water, door de trainer/coach te verzorgen. |
||||
|
112.6. |
De ringhoeken dienen afgeschermd te zijn met ringkussens, welke zodanig geconstrueerd zijn, dat de boksers zich niet aan de ringhoeken kunnen bezeren; twee ringkussens dienen in tegenover elkaar liggende hoeken wit te zijn, de twee andere ringkussen dienen de kleuren te hebben van de ringpalen waaraan zij zijn bevestigd, zijnde resp. rood en blauw. |
||||
|
112.7. |
Minimaal drie, maar bij voorkeur vier ringtouwen, elk minimaal 4 en maximaal 5 centimeter dik en elk omwonden met een zacht materiaal, moeten aan de vier ringpalen zijn bevestigd, onderling per ringzijde verticaal verbonden. |
||||
|
112.8. |
De ringtouwen dienen, gemeten vanaf de ringvloer, als volgt te zijn bevestigd: |
||||
|
112.8.1. |
bij drie ringtouwen op resp. 40, 80 en 120 centimeters; |
||||
|
112.8.2. |
bij vier ringtouwen op resp. 40, 70, 100 en 130 centimeters. |
||||
|
112.9. |
De minimale afstand tussen de ringvloer en de wand/muur moet 100 centimeters zijn; de minimale afstand tussen ringvloer en ringverlichting/plafond moet 300 centimeters zijn. |
||||
|
112.10. |
Rondom de ring dient de organisatie zorg te dragen voor aansluitende tafels en stoelen t.b.v. de officials; aan één ringzijde dient tevens te worden voorzien in een geluidsinstallatie t.b.v. de speaker alsmede een duidelijke gong. |
||||
|
112.11. |
Voldoet de ring niet aan in het in dit artikel of één der leden daarvan gestelde, zal de fungerende scheidsrechter toestemming voor de organisatie weigeren, tot de mankementen tot zijn voldoening zijn opgeheven. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
113.1. |
Bij alle onder reglementen van de NBB te boksen amateur-wedstrijden dienen te gebruiken handschoenen aan de volgende bepalingen te voldoen: |
||||
|
113.1.1. |
Handschoenen welke door de Technische Raad en/of het Bondsbestuur voor gebruik bij amateur-wedstrijden zijn afgekeurd, mogen onder geen beding worden gebruikt; |
||||
|
113.1.2. |
De Technische Raad zal, aan de hand van door haar of in haar opdracht te verrichten onderzoeken, het Bondsbestuur desgewenst informeren over het merk en type handschoenen, geschikt voor amateur-bokswedstrijden; |
||||
|
113.1.3. |
In alle gewichtsklassen worden handschoenen van 10 ounce (= 284 gr) gebruikt; |
||||
|
113.1.4. |
Het gewicht van de vulling mag niet meer zijn dan ongeveer 50% van het totale gewicht van de handschoen, terwijl het leer van de handschoen niet meer mag zijn dan ongeveer 50% van het gewicht van de handschoen; |
||||
|
113.1.5. |
De handschoenen moeten gevuld zijn met een soepele thermoplastische schuimstof met de grootste dikte op het stootvlak (knokkelpartij) en van beschermende duimen zijn voorzien; |
||||
|
113.1.6. |
Sluiting van de handschoenen kan geschieden door veters zonder nestels; de knoop van de veters moet zich aan de bovenkant van de handschoen bevinden zonder loshangende uiteinden; sluiting van de handschoenen door klittenbanden is eveneens toegestaan, mits van goede kwaliteit en afgeplakt; |
||||
|
113.1.7. |
De greep van de handschoenen mag in de halve omtrek niet meer zijn dan 2 centimeters. |
||||
|
113.2. |
Het breken of vervormen van de handschoenen is ten strengste verboden. |
||||
|
113.3. |
De wedstrijden moeten worden gebokst met handschoenen van gelijk merk en type, geijkte vulling, gelijk gewicht en kleur. De kleur mag alleen dan verschillend zijn, indien deze resp. rood voor de bokser in de rode hoek en blauw voor de bokser in de blauwe hoek zijn. |
||||
|
113.4. |
Wedstrijdhandschoenen moeten bij voorkeur zijn voorzien van een wit trefvlak. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
114.1. |
Het is verboden enig voorwerp aan of in de handen of aan de vingers te hebben, terwijl het gebruik van binnenhandschoenen eveneens is verboden. |
||||
|
114.2. |
De bandages of handverbanden, welke worden gebruikt ter bescherming van de handen tegen verstuiking, breuken, enzovoorts, moeten van een zachte stof zijn. |
||||
|
114.3. |
Voor elke hand mag een bandage worden gebruikt van maximaal 2,50 meter lengte en maximaal 5 centimeter breedte. |
||||
|
114.4. |
Rekverband mag maximaal 2 meter lang zijn en 5 centimeter breed. |
||||
|
114.5. |
Voor het vasthechten van de verbanden mag een pleister worden gebruikt van maximaal 7,5 x 2,5 centimeters voor elke hand; de pleister wordt aan de bovenkant van de pols bevestigd over de bandages. |
||||
|
114.6. |
Andere dan de in dit artikel voorgeschreven bandages mogen niet worden gebruikt; de fungerende scheidsrechter of een daartoe aangewezen official dient de bandages te controleren voor de handschoenen worden aangetrokken. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ wijziging 115.3.3. AV 230690) (2/ wijziging 115.3.3 & 115.3.4.. AV 091295) (3/ wijziging 115.1.& 115.3.4.; AV 200698) (4/ wijziging 115.1 & 115.4.2..; AV 190699) |
||||
|
115.1. |
KLEDING VAN DE BOKSER: |
||||
|
115.1.1. |
De kleding van de bokser bestaat uit: 1. een shirt waarbij de armen niet bedekt mogen zijn; 2. een boksbroek; 3. sokken; 4. sport of boksschoenen; boksers vanaf de N-klasse mogen uitsluitend boksschoenen gebruiken in de ring. |
||||
|
115.1.2. |
Indien de kleur van tricot en boksbroek onderling niet verschillen, dan wel een slechte afscheiding aangeven, dient de betrokken bokser een rood, resp. blauw lint of een lint van een afwijkende kleur t.o.v. tricot en boksbroek te dragen rond het middel; het lint mag niet breder zijn dan 5 centimeters; |
||||
|
115.1.3. |
De band van de sportbroek moet op de heupen rusten; de broek mag niet van tricot zijn vervaardigd; |
||||
|
115.1.4. |
Ander schoeisel dan boksschoenen of sportschoenen zonder hakken is in de ring niet toegestaan. |
||||
|
115.2. |
KLEDING VAN DE HELPER/TRAINER: |
||||
|
115.2.1. |
De kleding van de trainer/helper bestaat uit: 1. trainingsschoenen; 2. trainingsjasje of verzorgerjasje, voorzien van een NBB trainersembleem; 3. trainingsbroek. |
||||
|
115.2.2. |
Een hoofddeksel is niet toegestaan. |
||||
|
115.3. |
UITRUSTING: |
||||
|
115.3.1. |
De bokser dient in de ring een tandbeschermer in zijn mond te dragen; |
||||
|
115.3.2. |
De bokser dient in de ring met een protector zijn schaamdeel te beschermen; |
||||
|
115.3.3. |
De boksers welke als selectielid zijn aangewezen moeten gebruik maken van een van een AIBA zegel voorziene hoofdkap; boksers in alle klassen en leeftijden zijn verplicht gebruik te maken van een hoofdkap, welke dient te voldoen aan de AIBA voorgeschreven voorwaarden; |
||||
|
115.3.4. |
Bij buitenlandse partijen, dan wel in Nederland georganiseerde internationale wedstrijden, zetten boksers, voorafgaand de partij, de hoofdkap op in de ring. Bij nationale wedstrijden kan de bokser met hoofdkap de ring betreden, maar dient de hoofdkap terstond na de partij te worden afgezet. De kap wordt, terstond na beëindiging van de partij, weer afgezet. |
||||
|
115.4. |
UITERLIJK: |
||||
|
115.4.1. |
Het is de bokser verboden zijn bovenlichaam en/of armen in te vetten; |
||||
|
115.4.2. |
Het dragen van een snor is toegestaan; verder dient het gelaat glad geschoren te zijn; |
||||
|
115.4.3. |
Boksers met een lange haardracht dienen middels een haarband ervoor zorg te dragen, dat zij of hun tegenstander hierdoor niet worden gehinderd. |
||||
|
115.5. |
Indien aan één der leden in dit artikel niet wordt voldaan, zal de fungerende scheidsrechter de partij verbieden, zonodig definitief waarvan aantekening wordt gemaakt op het Proces-verbaal, dan wel tot de betrokken bokser alsnog aan de betreffende bepaling(en) voldoet. |
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
116.1. |
De beoordeling van amateur-wedstrijden kan geschieden als volgt: |
||||
|
116.1.1. |
alleen door één scheidsrechter; |
||||
|
116.1.2. |
door één jurylid; |
||||
|
116.1.3. |
door de scheidsrechter en twee juryleden; |
||||
|
116.1.4. |
door drie juryleden; |
||||
|
116.1.5. |
door de scheidsrechter en vier juryleden; |
||||
|
116.1.6. |
door vijf juryleden. |
||||
|
116.2. |
Indien er één, drie of vijf jurylid(-leden) fungeert (fungeren) geeft de scheidsrechter geen punten. |
||||
|
116.3. |
Gedurende de wedstrijd is de scheidsrechter de verantwoordelijke persoon; de leiding van de wedstrijd is uitsluitend aan hem opgedragen. |
||||
|
|
|||||
|
|
(toevoeging lid 8: AV 280603) |
||||
|
117.1. |
De scheidsrechter zal bij beoordeling van een verboden stoot en/of handeling in aanmerking nemen de ernst van het feit en zal naar evenredigheid straffen door het geven van een: 1. vermaning 2. waarschuwing 3. diskwalificatie. |
||||
|
117.2. |
De scheidsrechter zal erop toe moeten zien of door overtredingen van een bokser: 1. zijn tegenstander wordt geschaad in zijn kansen op overwinning; 2. de overtreding opzettelijk werd begaan; 3. reeds eerder in de partij een vermaning of waarschuwing aan de betreffende bokser werd gegeven. |
||||
|
117.3. |
Indien een bokser door opspringen, inlopen of omdraaien, of andere onverwachte bewegingen wordt getroffen op niet-reglementaire plaatsen, wordt dit als zijn eigen schuld beschouwd en zal de scheidsrechter hem op deze foutieve handeling wijzen. |
||||
|
117.4. |
Een bokser die reeds tweemaal een vermaning kreeg voor dezelfde overtreding en dezelfde overtreding voor de derde maal begaat, zal hiervoor een waarschuwing ontvangen. Ook zal een bokser, die reeds driemaal een vermaning ontving voor verschillende overtredingen, een waarschuwing ontvangen. |
||||
|
117.5. |
Een bokser die reeds een waarschuwing kreeg en dezelfde overtreding weer begaat, kan zonder verdere vermaningen, opnieuw een waarschuwing krijgen. |
||||
|
117.6. |
Een bokser die tweemaal een waarschuwing kreeg in een partij en wederom een overtreding begaat waarvoor hij een derde waarschuwing moet krijgen, wordt daarna gediskwalificeerd. De scheidsrechter informeert de juryleden en de speaker omtrent de diskwalificatie. |
||||
|
117.7. |
Een bokser kan eveneens een waarschuwing ontvangen wanneer zijn trainer/coach niet gehoorzaamt aan de bevelen van de scheidsrechter; bij herhaling hiervan kan dit diskwalificatie van de bokser ten gevolge hebben. |
||||
|
117.8. |
Indien de wedstrijd voor de derde maal moet worden onderbroken vanwege het losraken van de bokskap, dan zal de betreffende bokser worden gediskwalificeerd. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
|
Indien de scheidsrechter moet overgaan tot het geven van een waarschuwing, zal hij: |
||||
|
118.1. |
het commando "STOP" geven teneinde de partij tijdelijk te stoppen; |
||||
|
118.2. |
aan de bokser die de waarschuwing krijgt, door woord en gebaar kenbaar maken voor welke overtreding of verboden handeling hij de waarschuwing krijgt; |
||||
|
118.3. |
de juryleden en de speaker meedelen door woord en gebaar waarvoor de betrokken bokser een waarschuwing heeft gekregen; de speaker zal onmiddellijk middels de geluidsinstallatie het publiek van de waarschuwing op de hoogte stellen; |
||||
|
118.4. |
de wedstrijd in het midden van de ring doen hervatten middels het commando "BOKS". |
||||
|
|
|||||
|
|
......... (Volledige wijziging: AV 280603) |
||||
|
|
De puntentelling bij Olympisch boksen geschiedt als volgt: |
||||
|
119.1. |
Juryleden registreren aan de hand van de boxcalculator het totaal aantal correcte treffers, deze worden per ronde op het puntenbriefje genoteerd. Indien de wedstrijd het vooraf bepaalde aantal ronden duurt dan is het aantal per jurylid geregistreerde treffers bepalend voor de uitslag van de wedstrijd. |
||||
|
119.2. |
Voorbeeld 1: |
|
|
|
|
|
Jurylid |
Aantal treffers |
Winnaar |
Uitslag partij |
||
|
|
Rood |
Blauw |
|
|
|
|
1 |
10 |
9 |
Rood |
|
|
|
2 |
10 |
9 |
Rood |
|
|
|
3 |
10 |
8 |
Rood |
3:0 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Voorbeeld 2: |
|
|
|
||
|
Jurylid |
Aantal treffers |
Winnaar |
Uitslag partij |
||
|
|
Rood |
Blauw |
|
|
|
|
1 |
7 |
5 |
Rood |
|
|
|
2 |
6 |
7 |
Blauw |
|
|
|
3 |
6 |
5 |
Rood |
2:1 |
|
|
|
|
||||
|
|
......... (Wijziging lid 8: AV 280603) |
||||
|
|
De wijze van puntenwaardering van de prestatie van de boksers, geschiedt op de volgende wijze: |
||||
|
120.1. |
Voor waardering komen in aanmerking alle correct uitgevoerde treffers op voor- en zijkanten van het hoofd en lichaam boven de gordel, toegebracht met de knokkelpartij van de goed gesloten vuist. |
||||
|
120.2. |
Voor alle correct uitgevoerde treffers, ongeacht de kracht hiervan, dient dezelfde waardering te worden gegeven. |
||||
|
120.3. |
Bij de beoordeling in het algemeen dient rekening te worden gehouden met het intelligente ringwerk zoals goede aanvalstechniek (goede openingen zoeken in de verdediging van de tegenstander en dan treffers plaatsen); goede verdediging (blokken, weren, slippen, duiken, enzovoorts) teneinde de aanval van de tegenstander op correcte wijze onschadelijk te maken. |
||||
|
120.4 |
Indien er in de aanvalstechniek noch in de verdedigingstechniek bij een gelijk aantal treffers geen meerderheid kan worden gevonden ten gunste van één van de boksers, zal vervolgens moeten worden beoordeeld of één der boksers in aanmerking komt voor een hogere waardering in verband met zijn techniek. |
||||
|
120.5 |
Wanneer, na beoordeling van de onder de leden 4 en 5 genoemde punten geen verschil tussen de boksers is aan te geven, kan aan beide boksers hetzelfde aantal punten worden toegekend en eindigt de partij met de uitslag "onbeslist". |
||||
|
120.6 |
Bij amateur-kampioenschappen en toernooien is de uitslag "onbeslist" niet mogelijk. De juryleden zijn bij amateur-kampioenschappen en toernooien verplicht een winnaar aan te wijzen. Het is echter bij een gelijk aantal punten niet toegestaan die bokser winnaar te maken die een officiële waarschuwing heeft gehad of er één meer heeft gehad dan zijn tegenstander. |
||||
|
120.7 |
Voor elke officiële waarschuwing, zal aan het einde van de ronde bij de tegenstander van de gewaarschuwde bokser twee treffers bij het totaal van het aantal geregistreerde treffers worden opgeteld. |
||||
|
120.8 |
Juryleden dienen bij officiële waarschuwingen als volgt te handelen: |
||||
|
120.8.1. |
Indien zij een door de scheidsrechter uitgesproken officiële waarschuwing steunen, dienen zij op het puntenbriefje achter de betreffende ronde de letter "W" te vermelden; |
||||
|
120.8.2. |
Indien zij een door de scheidsrechter uitgesproken officiële waarschuwing niet steunen, dienen zij op het puntenbriefje achter de betreffende ronde de letter "X" te vermelden; zij zullen dan geen punt aftrekken bij de bokser die de waarschuwing kreeg; |
||||
|
120.8.3. |
Indien zij van mening zijn, dat een scheidsrechter een waarschuwing had moeten geven, doch dit niet heeft gedaan, moet op het puntenbriefje achter de betreffende ronde de letter "J" worden geplaatst onder vermelding van de reden; bij de betreffende bokser wordt dan gehandeld overeenkomstig 120.7. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ wijziging 121.9.; AV 200692) (2/ aanvulling 121.11.; AV 210697) (3/ diverse wijzigingen AV 280603) |
||||
|
121.1. |
De uitslag van een partij kan als volgt zijn: 1. op punten (o.p.) 2. door knock-out (K.O.) 3. door knock-out hoofd (K.O.H.) 4. door opgave van één der boksers of diens trainer/coach (opg.) 5. door referee stops contest (R.S.C.) 6. door referee stops contest head (R.S.C.H.) 7. door referee stops contest medisch advies (R.S.C.MA.) 8. referee stops contest materiaal (R.S.C.M.) 9. door diskwalificatie (disk.) 10. onbeslist (onb.) 11. door walk over (W.O.) De uitslag walk over mag alleen in competitieverband worden gebruikt en wordt niet als uitslag meegeteld in de recordlijst. |
||||
|
121.2. |
UITSLAG: OP PUNTEN: De puntenwaardering, als omschreven in artikel 119 en 120 van dit hoofdstuk, wordt door degene, die de punten waardeert op het puntenbriefje vermeld en via de scheidsrechter aan de wedstrijdadministrateur en speaker overhandigd. |
||||
|
121.3. |
UITSLAG: KNOCK-OUT: Indien een bokser een partij voortijdig moet beëindigen wegens een K.O., zal de ringarts de ernst van de K.O. bepalen. De ringarts zal hiervan melding doen op het Medisch Proces-verbaal (M.P.V.) en een eventueel op te leggen startverbod vermelden in dat M.P.V. alsmede in het startbewijs van de betrokken bokser. |
||||
|
121.4. |
UITSLAG: KNOCK-OUT HOOFD: Indien een bokser een partij voortijdig moet beëindigen wegens een K.O.H., zal de ringarts de betrokken bokser zonder meer een startverbod opleggen, waarvan de duur door de Medische Commissie is vastgesteld; tevens zal de ringarts beoordelen of aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn en deze eveneens vermelden in het startbewijs en het M.P.V. |
||||
|
121.5. |
UITSLAG: OPGAVE: Van de uitslag "opgave in de . . . ronde" is sprake indien door de bokser door hand opsteken of door diens trainer/coach door het werpen van een handdoek of spons de partij wordt opgegeven. |
||||
|
121.6. |
UITSLAG: REFEREE STOPS CONTEST: Indien de bokser een partij voortijdig heeft moeten beëindigen wegens overmacht van zijn tegenstander, zal de uitslag luiden R.S.C. plus rondevermelding. |
||||
|
121.7. |
UITSLAG: REFEREE STOPS CONTEST HOOFD: Indien een bokser een partij voortijdig moet beëindigen wegens veel stoten op het hoofd, is de uitslag R.S.C.H. In dat geval geldt dezelfde procedure als omschreven in lid 4. |
||||
|
121.8. |
UITSLAG: REFEREE STOPS CONTEST MEDISCH ADVIES: Indien de ringarts van mening is, dat een partij wegens een blessure niet kan worden voortgezet, zal de SR de partij beëindigen en zal de uitslag luiden R.S.C.MA. plus rondevermelding. |
||||
|
121.9. |
UITSLAG: DISKWALIFICATIE: Bij de uitslag diskwalificatie wordt tevens rondenummer en reden vermeld op het Proces-verbaal. |
||||
|
121.10. |
UITSLAG: ONBESLIST: De uitslag onbeslist geldt indien beide boksers evenveel punten hebben verzameld en geen winnaar wordt aangewezen; deze uitslag is niet mogelijk bij Kampioenschappen. |
||||
|
121.11. |
BIJZONDERE BEPALINGEN: |
||||
|
121.11.1. |
Indien een partij voortijdig moet worden beëindigd, wegens het onklaar raken van de ring, of verlichting of door andere omstandigheden, zal de uitslag luiden "no-contest" (geen wedstrijd). |
||||
|
121.11.2. |
Indien één bokser of beide boksers in de eerste ronde van een partij geblesseerd raakt/raken, volgt geen uitslag. Deze bepaling is niet van toepassing voor District en/of Nationale Kampioenschappen, waarvoor door de respectievelijke D.T.C.'s of de TR/Bondsbestuur een apart reglement wordt opgesteld. |
||||
|
121.11.3. |
Indien één der boksers in de tweede of derde ronde geblesseerd raakt en niet in staat is verder te boksen, wordt de partij gestaakt en een R.S.C.-uitslag bekent gemaakt. Indien beide boksers gelijk K.O. gaan, dan volgt een puntenuitslag. Deze bepaling is niet van toepassing voor District en of Nationale Kampioenschappen, waarvoor door de respectievelijke D.T.C.'s of de TR/Bondsbestuur een apart reglement wordt opgesteld. |
||||
|
121.11.4. |
Indien één der boksers in een finalepartij van een districtskampioenschap of de Nationale Kampioenschappen geblesseerd raakt en niet in staat is verder te boksen, wordt als volgt gehandeld: |
||||
|
121.11.4.1. |
Indien de blessure het gevolg is van een incorrecte handeling van de tegenstander, dan wordt deze gediskwalificeerd. |
||||
|
121.11.4.2. |
Indien de blessure het gevolg is van een eigen incorrecte handeling, wordt de geblesseerde bokser gediskwalificeerd. |
||||
|
121.11.4.3. |
Indien van geen schuld van beide boksers sprake is, volgt geen uitslag en moet de finalepartij worden overgebokst op een door het districtsbestuur resp. Bondsbestuur nader te bepalen datum en (zo mogelijk) neutrale plaats binnen acht weken. Mocht de geblesseerde bokser binnen acht weken niet in staat zijn te boksen, dan wordt zijn tegenstander automatisch tot winnaar uitgeroepen. Treedt tijdens de overgebokste finalepartij opnieuw een blessure op waardoor één der boksers niet in staat is verder te boksen, zal geen kampioen worden uitgeroepen. Beide boksers ontvangen dan een diploma "Finalist van de Kampioenschappen van ...". |
||||
|
121.11.5. |
Van een Walk-over uitslag is alleen sprake indien een bokser door het niet voldoen aan de gestelde eisen door zijn tegenstander in een toernooi een ronde verder wordt geplaatst; de uitslag wordt wel in het startbewijs vermeld maar geldt niet als officiële winst of verliespartij en kan ook niet in het totale record van de betreffende bokser worden meegeteld. |
||||
|
121.12. |
Gebruik van een elektronische scoringsmachine. Indien een elektronische scoringsmachine wordt gebruikt gelden de volgende regels: 1. Met de elektronische scoringsmachine wordt de puntenuitslag vastgesteld door registratie van de correcte treffers, alsmede alle andere informatie, welke door elk jurylid in de computer wordt ingebracht door het indrukken van de respectievelijke knoppen;
5. Afgezien van het totale resultaat (het totaal van alle door tenminste 3 juryleden gelijktijdig geregistreerde treffers) zal de individuele score van elk van de 5 juryleden worden vastgelegd. Indien aan het eind van een partij beide boksers een gelijk aantal treffers hebben gescoord, is de uitslag onbeslist. Bij partijen waarbij een winnaar en een verliezer moet worden aangewezen, zal bij een gelijk aantal treffers de hoogste en de laagste score van de individuele juryleden worden geschrapt en zal de bokser, die de meeste individuele treffers heeft gescoord in de individuele telling van de 3 overblijvende juryleden, tot winnaar worden uitgeroepen. Als deze score echter ook gelijk is, zullen de 5 juryleden verzocht worden te beslissen wie de winnaar is, door de respectievelijke knoppen in te drukken in overeenstemming met artikel 120 lid 3 van dit reglement;
8. Als de elektronische scoringsmachine defect raakt, dient er als volgt te worden gehandeld; 1. De voorzitter van de jury zal de partij gedurende 1 minuut stil leggen. Als gedurende die tijd het defect niet verholpen kan worden, zal de partij weer worden hervat. De beslissing van de 5 juryleden zal alsdan als de officiële uitslag worden beschouwd, in overeenstemming met artikel 14 van het WR/Algemeen. 2. Indien de elektronische scoringsmachine niet kan worden gerepareerd, heeft de jury het recht te beslissen dat t.a.v. de volgende partijen het vermelde in Hoofdstuk III van dit reglement zal worden toegepast. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
122.1. |
Een bokser wordt geacht "neer" te zijn tengevolge van reglementaire stoten, wanneer: |
||||
|
122.1.1. |
Enig ander lichaamsdeel dan zijn voeten de ringvloer raakt; |
||||
|
122.1.2. |
Hij de touwen van de ring gebruikt, hetzij om zich te beschermen, hetzij om zich op te richten; |
||||
|
122.1.3. |
Hij hulpeloos over de touwen hangt of hier tegenaan leunt; |
||||
|
122.1.4. |
Hij ophoudt te boksen; |
||||
|
122.1.5. |
Hij opkomt uit de "down positie". |
||||
|
122.2. |
Wanneer een bokser niet tengevolge van een stoot "neergaat", bijvoorbeeld door te struikelen, wordt hij niet geacht "neer" te zijn en dient de wedstrijd direct te worden vervolgd. |
||||
|
122.3. |
Neergaan door een foutieve stoot of handeling bij alleen berechting door de scheidsrechter; |
||||
|
122.3.1. |
Indien een bokser blijkens zijn reactie neergaat door een volgens hem foutieve stoot of handeling van de tegenstander, doch de scheidsrechter heeft geen overtreding geconstateerd, dan is de scheidsrechter verplicht te tellen. De bokser die is neergegaan zal tot verliezer door K.O. worden verklaard, indien hij niet bij de achtste tel de bokshouding heeft aangenomen. |
||||
|
122.3.2. |
Indien een bokser blijkens zijn reactie neergaat door een volgens hem foutieve stoot of handeling van de tegenstander en de scheidsrechter heeft deze foutieve stoot of handeling geconstateerd, dan is de scheidsrechter verplicht tot acht of tien te tellen en de bokser die de foutieve stoot of handeling heeft gepleegd, een waarschuwing te geven resp. te diskwalificeren. De bokser die is neergegaan kan tot winnaar door diskwalificatie van zijn tegenstander worden uitgeroepen. |
||||
|
122.4. |
Neergaan door een foutieve stoot of handeling bij berechting door één jurylid of een scheidsrechter met twee of meer juryleden; |
||||
|
122.4.1. |
Indien een bokser blijkens zijn reactie neergaat door een volgens hem foutieve stoot of handeling van de tegenstander, doch de scheidsrechter heeft geen overtreding geconstateerd, dan is de scheidsrechter verplicht te tellen. |
||||
|
122.4.2. |
Wanneer de bokser die is neergegaan bij de tiende tel niet in staat is de wedstrijd te hervatten, zal de scheidsrechter de woorden "tien out" niet uitspreken. Na de tiende tel zal hij de wedstrijd stoppen en de juryleden vragen of zij de foutieve stoot of handeling hebben gezien. De juryleden kunnen desgevraagd alleen de volgende woorden gebruiken hetgeen zij eveneens kunnen vermelden op hun puntenbriefjes: * niet gezien * * fout * * correct * |
||||
|
122.4.3. |
T.a.v. het onder lid 4.2. gestelde, kunnen zich de volgende uitspraken voordoen: a. niet gezien - fout - fout De bokser die de wedstrijd heeft gestaakt, wordt tot overwinnaar uitgeroepen terwijl zijn tegenstander wordt gediskwalificeerd. b. niet gezien - correct - correct De bokser die de wedstrijd heeft gestaakt, wordt verliezer door K.O. c. niet gezien - fout - correct De bokser die de wedstrijd heeft gestaakt, wordt verliezer door K.O. d. niet gezien - niet gezien - correct De bokser die de wedstrijd heeft gestaakt, wordt verliezer door K.O. e. niet gezien - niet gezien - fout De bokser die de wedstrijd heeft gestaakt, wordt tot winnaar uitgeroepen, terwijl zijn tegenstander wordt gediskwalificeerd. f. niet gezien - niet gezien - niet gezien De bokser die de wedstrijd heeft gestaakt, wordt verliezer door K.O. |
||||
|
122.4.4. |
Wanneer de getroffen bokser bij de achtste tel weer de bokshouding heeft aangenomen en in staat kan worden geacht verder te boksen, MOET de scheidsrechter, indien hij de overtreding heeft geconstateerd, de wedstrijd stoppen en de tegenstander een waarschuwing geven. Bij een ernstige overtreding kan onmiddellijk diskwalificatie volgen. |
||||
|
122.4.5. |
Indien de getroffen bokser bij de achtste tel de bokshouding weer aanneemt, maar zodanig geraakt is dat de scheidsrechter hervatting van de partij niet verantwoord vindt, moet deze de wedstrijd staken en de bokser, die de overtreding veroorzaakt heeft, diskwalificeren. Indien de scheidsrechter geen overtreding heeft geconstateerd, maar de juryleden wel, dienen zij de scheidsrechter hiervan terstond in kennis te stellen en te handelen overeenkomstig het gestelde in 122.4.3. |
||||
|
122.4.6. |
Gaan beide boksers tengevolge van een treffer gelijktijdig neer, dan telt de scheidsrechter tot zij bij de achtste tel weer in de bokshouding staan. Heeft bij de achtste tel slechts één bokser weer de bokshouding aangenomen en deze kan in staat worden geacht verder te boksen, dan wordt deze winnaar door K.O. Komen beide boksers niet meer op, dan wordt de bokser winnaar die op dat moment voorstaat op punten. |
||||
|
122.4.7. |
Ingeval van een zware K.O. waarbij naar oordeel van de SR onmiddellijke medische hulp noodzakelijk is, telt hij "1-out". Vervolgens roept hij onmiddellijk de hulp van de ringarts in. |
||||
|
122.5. |
Tijdens het tellen van de scheidsrechter bij het "neer zijn" van één of beide boksers, mag de gong niet worden geluid. Direct na het commando "BOX" moet, indien de rondetijd is verstreken, de gong worden geluid. |
||||
|
122.6. |
Het onder 122.5. bepaalde is niet toepassing gedurende de laatste ronde; dan dient door een gongslag het einde van de laatste ronde te worden aangegeven. De scheidsrechter staakt dan het tellen en een normale puntenuitslag zal worden bekend gemaakt. Deze bepaling geldt alleen bij finalepartijen van Kampioenschappen en toernooien. |
||||
|
122.7. |
Als ten teken van opgave de handdoek of spons wordt geworpen en de scheidsrechter heeft dit niet onmiddellijk gezien, dan moeten de juryleden hem hiervan op de hoogte stellen en de tijdwaarnemer dient door middel van een "roffel" op de gong de scheidsrechter opmerkzaam te maken op de geworpen handdoek of spons. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Toevoeging 123.1.1.; AV 220691) (2/ Wijziging 123.1.1.: AV 280603) |
||||
|
123.1.1. |
Bij alle amateur-wedstrijden in de heren junioren en seniorenklasse mag in één ronde maximaal 3 keer en in de hele partij maximaal vier keer worden geteld; bij de 3e maal tellen in één ronde resp. 4e maal tellen in de hele partij staakt de scheidsrechter de partij. Bij de dames in de junioren en seniorenklasse geldt in één ronde maximaal 2 keer tellen en maximaal 3 keer in de hele partij; |
||||
|
123.1.2. |
Zodra de scheidsrechter begint te tellen zal hij de bokser, wiens tegenstander is neergegaan, verwijzen naar een neutrale hoek. |
||||
|
123.2. |
Geeft de bokser aan het onder 123.2. genoemde bevel geen gehoor, of komt hij gedurende het tellen weer uit de neutrale hoek, dan staakt de scheidsrechter het tellen totdat de bokser zich weer in de neutrale hoek bevindt. |
||||
|
123.3. |
De scheidsrechter is verplicht te tellen tot en met de achtste tel; indien de neergegane bokser dan door hem weer in staat wordt geacht de wedstrijd te hervatten, zal de scheidsrechter het commando "BOX" geven. |
||||
|
123.4. |
Indien een bokser eerder in de bokshouding terugkomt, dan de door de scheidsrechter aangegeven achtste tel, mag hij toch niet eerder boksen dan nadat de scheidsrechter het commando "BOX" heeft gegeven. De scheidsrechter blijft wel verplicht te tellen tot en met de achtste tel. |
||||
|
123.5. |
Wanneer de SR bij de achtste tel de indruk heeft, dat de bokser onvoldoende hersteld is, zal hij doortellen tot tien en "out" uitspreken. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
|
Stoten dienen met het stootvlak het trefvlak te treffen; de navolgende stoten of handelingen zijn verboden: |
||||
|
124.1. |
stoten beneden de gordel; |
||||
|
124.2. |
simuleren te laag te zijn geraakt; |
||||
|
124.3. |
stoten, klappen of strijken met open handschoen(en), c.q. met de zijkant of binnenkant van de handschoen; |
||||
|
124.4. |
terugslag (z.g. "backhand"); |
||||
|
124.5. |
stoten met onderste deel van de hand (muis van de hand); |
||||
|
124.6. |
stoten, slaan of duwen met de duimen, pols, voorarm of onderarm, elleboog; |
||||
|
124.7. |
stoten of slaan op de nieren; |
||||
|
124.8. |
stoten met de schouders; |
||||
|
124.9. |
stoten met het hoofd; |
||||
|
124.10. |
trappen; |
||||
|
124.11. |
stoten met de knie; |
||||
|
124.12. |
bijten; |
||||
|
124.13. |
vastgrijpen; |
||||
|
124.14. |
vasthouden van arm, hoofd of handschoenen van de tegenstander (holding) en daarbij stoten en/of zwaar leunen op de tegenstander; |
||||
|
124.15. |
stoten naar een tegenstander die neer is of opstaat uit de “neer” positie, voordat de scheidsrechter het commando "BOX" heeft gegeven; |
||||
|
124.16. |
opzettelijk neergaan, geen partij geven, passief blijven boksen, regelmatig bescherming zoeken achter de handschoenen zonder te stoten of een stootkans te berekenen; |
||||
|
124.17. |
uitlokken van verboden handelingen en/of stoten; |
||||
|
124.18. |
cirkelslag (pivotblow); |
||||
|
124.19. |
beledigen van de scheidsrechter, de tegenstander, toeschouwers of andere officials; |
||||
|
124.20. |
spreken in de ring tijdens het boksen; |
||||
|
124.21. |
worstelen, gooien, duwen of smijten; |
||||
|
124.22. |
de tegenstander belemmeren te boksen; |
||||
|
124.23. |
ruw en/of onsportief boksen; |
||||
|
124.24. |
stoten na het commando "STOP" of "BREAK" of voor het commando "BOX"; |
||||
|
124.25. |
niet opvolgen van de commando's van de scheidsrechter; |
||||
|
124.26. |
gebruik maken van de ringtouwen door zich hieraan vast te houden of op te richten; |
||||
|
124.27. |
gebruik maken van de veerkracht van de ringtouwen om de stoot harder te doen aankomen; |
||||
|
124.28. |
duiken, anders dan het hoofd naar beneden brengen zonder hierbij het hoofd voorbij de voorste voet te brengen, dan wel met het hoofd naar voren te komen; |
||||
|
124.29. |
duiken en/of bukken met het hoofd onder de gordel van de tegenstander; |
||||
|
124.30. |
niet terstond één pas achteruit gaan na het commando "BREAK"; |
||||
|
124.31. |
stoten en/of slaan naar achteren. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
125.1. |
De scheidsrechter moet de partij staken, wanneer: |
||||
|
125.1.1. |
de boksers te ongelijk van kracht zijn (outclassed); de beste bokser wordt winnaar door R.S.C.; |
||||
|
125.1.2. |
één der boksers onvoldoende geoefend is; deze bokser wordt verliezer door R.S.C. De betreffende bokser ontvangt een startverbod voor een periode van drie maanden hetgeen in het startbewijs en op het P.V. wordt vermeld door de wedstrijdadministrateur; |
||||
|
125.1.3. |
beide boksers onvoldoende geoefend zijn; in dit geval wordt geen uitslag bekend gemaakt en op het P.V. wordt de uitslag R.S.C. vermeld; beide boksers ontvangen een startverbod voor de periode van drie maanden, hetgeen in hun startbewijs wordt vermeld door de wedstrijdadministrateur; |
||||
|
125.1.4. |
de scheidsrechter van mening is, dat voortzetting van de partij voor één der of beide boksers te afmattend is of om andere reden(en) te gevaarlijk zou kunnen worden voor één der boksers; zijn tegenstander wordt winnaar door R.S.C.; |
||||
|
125.1.5. |
één der boksers een min of meer ernstig uitziende verwonding heeft, welke de scheidsrechter zelf of de ringarts aanleiding geeft de partij te staken; de uitslag wordt dan R.S.C. |
||||
|
125.2. |
Indien de scheidsrechter de ringarts wenst te raadplegen omtrent de verwonding van een bokser, dan wel indien hij opmerkzaam gemaakt wordt op de wens van de ringarts de verwonding te onderzoeken, dient de scheidsrechter de partij te onderbreken en de niet-gewonde bokser naar een neutrale hoek te zenden waarna de ringarts de ring kan betreden om zijn onderzoek uit te voeren; instructeurs mogen de ring niet betreden tenzij de ringarts zulks uitdrukkelijk verzoekt. |
||||
|
125.3. |
Advies van de ringarts is bindend in alle gevallen. |
||||
|
125.4. |
Indien de scheidsrechter besluit de partij te staken, dient hij de juryleden hiervan in kennis te stellen onder vermelding van de reden. |
||||
|
125.5. |
Indien een Jury d'Appèl in functie is, dient de scheidsrechter eerst de voorzitter van de Jury d'Appèl van zijn beslissing in kennis te stellen en daarna de juryleden. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
126.1. |
Elke bokser is verplicht voor aanvang van de wedstrijd zijn tegenstander de hand te reiken; de bedoeling is dat zij de wedstrijd op sportieve wijze aan zullen gaan zoals door de reglementen omschreven. |
||||
|
126.2. |
Na bekendmaking van de uitslag geven beide boksers elkaar weer de hand. |
||||
|
126.3. |
Tussentijds elkaar de hand geven, om welke reden ook, is verboden. |
||||
|
126.4. |
Nadat de uitslag bekend is gemaakt, dienen de boksers de scheidsrechter een hand te geven. |
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
(1/ Wijziging 127.2.; AV 230690) (2/ Wijziging 127.1.: AV 280603) |
||||
|
127.1. |
Elke amateur-bokser, uitkomend voor een Nederlandse vereniging, moet zich door een door de NBB gelicenseerde trainer/coach in de ring laten bijstaan. |
||||
|
127.2. |
Elke trainer/coach mag zich buiten de ring door een helper laten bijstaan; deze mag echter niet binnen de ringtouwen komen. |
||||
|
127.3. |
Per bokser mag slechts één trainer/coach de ring betreden, zowel vóór, tijdens de rustpauze en na de partij. |
||||
|
127.4. |
Buitenlandse boksers dienen eveneens door een gelicenseerde trainer/coach te worden begeleid. |
||||
|
127.5. |
De trainer/coach kan door het werpen van de handdoek of spons de partij voor zijn bokser opgeven. Tijdens tellen van de scheidsrechter is opgave echter niet mogelijk; wordt de handdoek echter wel geworpen, zal de scheidsrechter doortellen tot de achtste tel. Indien de bokser in staat wordt geacht verder te boksen, zal de scheidsrechter na het commando "BOX" de partij meteen beëindigen en wordt de bokser, voor wie de handdoek is geworpen verklaard tot verliezer door opgave. Indien de bokser niet in staat is door te boksen, zal de scheidsrechter zich niet storen aan de geworpen handdoek en de betreffende bokser uittellen tot tien; hij wordt dan verliezer door K.O. of K.O.H. |
||||
|
127.6. |
Op het commando van de tijdwaarnemer/speaker, vijf seconden voor aanvang van een ronde, "helpers weg" (of "seconds out") moeten de trainers/coaches de ring verlaten en mogen deze niet weer betreden dan voor het einde van de ronde is aangeduid. |
||||
|
127.7. |
De trainers/coaches of helpers zorgen tijdig voor het wegnemen c.q. plaatsen van het krukje of verdraaibaar zitje voor hun bokser. |
||||
|
127.8. |
Het is verboden de handschoenen te vervormen of te breken; tijdens de ronden raad, inlichtingen of aanwijzingen te geven; aanmoedigen tijdens de ronden of water of verfrissende middelen naar de bokser te werpen of op enige wijze te trachten invloed uit te oefenen op het verloop van de partij. |
||||
|
127.9. |
Trainers/coaches en helpers, die zich niet volgens de voorschriften gedragen, kunnen door de scheidsrechter worden vermaand c.q. gewaarschuwd en eventueel bij volharding van de ring worden verwijderd. Ook van verdere afstand van de ring blijft de trainer/coach of helper gehouden zich te houden aan de in dit artikel omschreven bepalingen. De SR heeft tevens de mogelijkheid, bij volharding van de overtreding door de trainer/coach, diens bokser een officiële waarschuwing te geven dan wel te diskwalificeren. |
||||
|
127.10. |
Vindt herhaling van de in 127.9. omschreven overtreding plaats, dan zal de SR hierover rapporteren aan het Bondsbestuur en zullen disciplinaire maatregelen tegen de trainer/coach worden genomen. |
||||
|
127.11. |
De trainer/coach is verantwoordelijk voor de gedragingen van zijn helper. |
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
|
(1/ Toevoegingen 128.1 en 128.2.; AV 220691) (2/ Wijzigingen lid 3; AV 170695) |
||||
|
128.1. |
De NBB kent en erkent nationale en internationale kampioenschappen, zoals: 1. Kampioenschappen van Nederland voor Junioren & Senioren 2. Districtskampioenschappen voor Junioren & Senioren 3. Militaire Kampioenschappen 4. Politie Kampioenschappen 5. Interacademiale Kampioenschappen 6. Internationale Kampioenschappen 7. Internationale Kampioenschappen onder toezicht van de AIBA of de EABA 8. Benelux Kampioenschappen. |
||||
|
128.2. |
Kampioenschappen als bedoeld onder lid 1, met uitzondering van de internationale en Benelux kampioenschappen, kunnen alleen worden erkend indien zij worden gehouden onder reglementen en toezicht van de NBB. Het toezicht op de Kampioenschappen, behoudens de internationale en Benelux kampioenschappen, berust alleen bij de Technische Raad van de NBB. Benelux Kampioenschappen dienen te worden gehouden onder reglementen van de nationale bond waar die kampioenschappen worden gehouden. |
||||
|
128.3. |
DEELNAME NK's: |
||||
|
128.3.1. |
Deelname aan de NK/Nieuwelingen kan door de TR, al dan niet op advies van de D.T.C., worden geweigerd. Voorts kan de TR deelnemers terugtrekken indien, naar het oordeel van de TR, de betrokken deelnemer niet voldoende voorbereid is op de wedstrijdsport. |
||||
|
128.3.2. |
Deelname aan de NK/C-klasse is niet mogelijk indien een bokser in het daaraan voorafgaande jaar, niet in Nederland aan wedstrijden heeft deelgenomen. |
||||
|
128.3.3. |
Aan de NK/B-klasse en de NK/A-klasse kunnen alleen boksers deelnemen die regelmatig in Nederland op wedstrijden uitkomen. |
||||
|
128.3.4. |
Aan internationale kampioenschappen kan door NBB leden alleen worden deelgenomen indien zij daartoe door de Technische Raad en het Bondsbestuur zijn uitgenodigd. |
||||
|
128.4. |
De districtskampioenschappen (kortweg: D.K.'s) zullen altijd de Nationale Kampioenschappen (kortweg: N.K.) voorafgaan. |
||||
|
128.5. |
Deelname aan de N.K. is alleen mogelijk door inschrijving door een vereniging via het districtsbestuur van het district waaronder de betreffende vereniging ressorteert. |
||||
|
128.6. |
Teneinde aan de N.K. deel te kunnen nemen, dient men aan de D.K. te hebben deelgenomen, behoudens dispensatie van het betreffende districtsbestuur en/of D.T.C. of van de TR in bijzondere gevallen. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Wijziging 129.2.: AV 190693) (2/ Wijzigingen leden 1 en 2; AV 170695) |
||||
|
129.1. |
ORGANISATIE: |
||||
|
129.1.1. |
De N.K.'s zullen jaarlijks voor junioren en senioren, zo mogelijk in alle klassen, worden gehouden. |
||||
|
129.1.2. |
De N.K.'s worden georganiseerd door het Bondsbestuur of in haar opdracht door de TR of een daartoe aangewezen vereniging of district. |
||||
|
129.2. |
REGLEMENT: De NK reglementen zijn als bijlage opgenomen bij dit Wedstrijdreglement en maken deel uit van dit Wedstrijdreglement. |
||||
|
129.3. |
INSCHRIJVING: |
||||
|
129.3.1. |
Gelijk met verzending van de reglementen, zal het Bondsbestuur districten en verenigingen informeren over de sluitingsdatum van inschrijving, het aantal boksers in junior en seniorklasse dat per gewicht mag worden ingeschreven en de data van loting en organisatie. De loting dient uiterlijk één week voor aanvang van de N.K. te hebben plaatsgevonden; alle deelnemende verenigingen ontvangen een lotinguitslag uiterlijk vier dagen voor aanvang van de N.K., door het bondsbureau te verzenden; |
||||
|
129.3.2. |
Een bokser kan slechts worden ingeschreven in één gewichtsklasse, welke gewichtsklasse tevens bindend zal zijn ter loting en eerste weging; |
||||
|
129.3.3. |
Inschrijfgeld voor deelname aan de N.K. is door de districten niet verschuldigd; |
||||
|
129.3.4. |
Indien een bokser zonder duidelijk aantoonbare of door het Bondsbestuur of TR te accepteren reden, verstek heeft laten gaan bij de eerste of één der volgende N.K.-wedstrijdorganisaties, zal het Bondsbestuur disciplinaire maatregelen nemen. |
||||
|
129.4. |
KOSTEN: |
||||
|
129.4.1. |
Reiskosten worden aan de deelnemers niet vergoed; |
||||
|
129.4.2. |
De kosten, verbonden aan de organisatie van de N.K., komen voor rekening van de NBB evenals de recettes. Het Bondsbestuur kan hiervan afwijken door de "verkoop" van één of meer organisaties aan één der aangesloten verenigingen of districten van de NBB. |
||||
|
129.5. |
PRIJZEN: |
||||
|
129.5.1. |
De Kampioen van Nederland ontvangt van de NBB een gordel in de nationale kleuren met inscripties, alsmede het bijbehorende diploma; |
||||
|
129.5.2. |
De bokser die de 2e plaats behaalde, ontvangt een medaille met inscriptie; |
||||
|
129.5.3. |
Geen prijzen worden toegekend indien niet tenminste één partij is gewonnen, alsmede indien er sprake is van een prestatiepartij en de TR de titel niet wenst te verlenen, alsmede indien er sprake is van diskwalificatie; |
||||
|
129.5.4. |
Een wisselprijs kan door de NBB worden uitgeloofd en elk jaar worden uitgereikt aan dat district, dat bij de N.K. de meeste punten behaalde; 4 punten worden toegekend voor de Kampioen, 2 punten voor de 2e prijswinnaar en 1 punt voor de gedeelde derde plaats. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Schrapping 130.3./130.4.; AV 200692) |
||||
|
130.1. |
Indien een bokser tengevolge van een Walk-over (kortweg: W.O.) automatisch naar een volgende ronde overgaat, dient de bokser in volledig bokstenue in de ring te verschijnen. |
||||
|
130.2. |
De juryleden vullen op normale wijze hun puntenbriefjes in en overhandigen die aan de scheidsrechter. |
||||
|
|
|||||
|
|
......... (Wijziging lid 1 en 2: AV 280603) |
||||
|
131.1. |
De districten kunnen jaarlijks (open) Districtskampioenschappen (kortweg: D.K.) organiseren, zo mogelijk in alle klassen senioren en junioren. |
||||
|
131.2. |
Deelname aan de D.K.'s is voorgehouden aan alle bondsleden met een geldige wedstrijdlicentie en buitenlandse boksers; alle betrokken boksers dienen te voldoen aan de bepalingen die gelden voor wedstrijdboksers. |
||||
|
131.3. |
Het districtsbestuur zal de D.K. twee maanden vooraf aankondigen bij de verenigingen onder haar district, alsmede de wijze waarop keuring, weging en loting plaats zullen vinden; een afschrift van de aankondiging alsmede van het D.K.-reglement worden voor aanvang van de D.K. aan het bondsbureau van de NBB gezonden, evenals een lijst van inschrijvingen. |
||||
|
131.4. |
Met inachtneming van de reglementen van de NBB stelt het districtsbestuur het D.K.-reglement vast en kan tevens een inschrijfgeld vaststellen, dat aan de vereniging wordt terugbetaald indien de door die vereniging ingeschreven boksers deelnamen aan de D.K. |
||||
|
131.5. |
Indien een vereniging, resp. bokser weigert deel te nemen aan de D.K., kan het districtsbestuur hem de inschrijving weigeren voor deelname aan de N.K., behoudens ingeval van door de TR verleende of te verlenen dispensatie. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Wijziging 132.4.; AV 230690) |
||||
|
132.1. |
Alvorens deelnemende boksers kunnen worden gewogen, dienen zij door de ringarts te zijn goedgekeurd voor deelname. |
||||
|
132.2. |
Het juiste tijdstip van weging en keuring wordt bekend gemaakt door de organisator van de wedstrijden. |
||||
|
132.3. |
De weging dient te geschieden op een geijkte basculeweegschaal of een personenweegschaal in aanwezigheid van de daarvoor aangewezen official(s); gedurende het gehele toernooi dient dezelfde bascule of weegschaal te worden gebruikt als die, welke bij de allereerste weging is gebruikt. De gewichten worden genoteerd op een weegbrief. |
||||
|
132.4. |
De boksers dienen ontkleed of in slip of zwembroek te worden gewogen; dames dienen in sportbroek en shirt, waaronder zich geen andere kledingstukken of protector mogen bevinden, te worden gewogen. |
||||
|
132.5. |
Bij D.K.'s en de N.K. zullen twee bascules of weegschalen aanwezig zijn, waarvan één reserve; |
||||
|
132.5.1. |
Tot minimaal één uur voor aanvang van de officiële weging, zal een bascule of weegschaal beschikbaar zijn voor vóórwegen; deze zal met een bordje "voorwegen" als zodanig worden gemerkt; |
||||
|
132.5.2. |
Het staat elke deelnemer vrij van de voorweegschaal gebruik te maken naar eigen believen, zolang de officiële weging niet plaatsvindt; |
||||
|
132.5.3. |
Zodra een bokser zich meldt voor de officiële weging en deze heeft ook plaatsgevonden, zal die weging bepalend zijn voor deelname; een tweede officiële weging zal niet meer worden toegestaan. |
||||
|
132.6. |
Een bokser is vrij in te schrijven en uit te komen in een D.K. of de N.K. in één hogere gewichtsklasse dan het gewicht waarin hij gedurende het wedstrijdseizoen normaliter uitkomt. Het Bondsbestuur c.q het districtsbestuur heeft het recht, eventueel na advies van de betreffende technische commissie en/of de Medische Commissie, dit niet toe te staan. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
133.1. |
In de reglementen voor D.K.'s of N.K. zal een bepaling worden opgenomen t.a.v. het startverbod voor ingeschreven boksers voorafgaand aan de betreffende wedstrijden. |
||||
|
133.2. |
Boksers die gedurende de D.K. of N.K. zijn uitgeschakeld, mogen aan andere wedstrijden deelnemen. |
||||
|
|
|||||
|
|
(1/ Schrapping 134.4/wijziging 134.5.; AV 200692) |
||||
|
134.1. |
De organisatie van een kompetitie of een Kampioenschap maakt de datum en plaats van loting bekend gelijk met het verzenden van de reglementen voor die kompetitie of dat Kampioenschap. |
||||
|
134.2. |
De loting wordt verricht door de D.T.C. bij de D.K.'s of door de TR bij de N.K.; bij internationale toernooien wordt de loting verricht door daartoe door de NBB of andere instanties aangewezen officials. |
||||
|
134.3. |
Loting voor de D.K.'s en N.K. moet plaatsvinden voorafgaand aan keuring & weging van de deelnemers na ontvangst van de officiële inschrijvingen van verenigingen of districten, waarvoor een sluitingsdatum bekend is gemaakt. |
||||
|
134.4. |
Alleen bij de N.K. kan het Bondsbestuur, na advies van de TR, besluiten een bokser te plaatsen in de tweede ronde; de plaatsing dient op het lotingschema aangeduid te worden. |
||||
|
134.5. |
Het vrijlotingschema is als volgt: 3 deelnemers, nummer 3 5 deelnemers, nummer 3 t/m 5 7 deelnemers, nummer 7 9 deelnemers, nummer 3 t/m 9 10 deelnemers, nummer 5 t/m 10 11 deelnemers, nummer 7 t/m 11, enzovoorts. |
||||
|
134.6. |
Een standaard lotingschema is als bijlage A opgenomen in dit W.R., sectie amateurs. |
||||
|
|
|||||
|
|
|
||||
|
|
|
||||
|
(Volledige wijziging Hoofdstuk VI; AV 23 juni 2001) (Wijziging 136.2 / 140.1.2; AV 29 juni 2002) (Diverse wijzigingen AV 28 juni 2003) (Wijziging 136: AV 26 juni 2004) |
|||||
|
|
Artikel 135 : reserve (geschrapt AV 280603) |
||||
|
|
|
||||
|
|
|||||
|
|
Aspiranten: |
||||
|
136.1. |
Vanaf de dag dat de 11 jarige leeftijd wordt bereikt tot de dag dat zij de 15 jarige leeftijd bereiken. |
||||
|
136.1.1. |
Jaargang 1: 11 en 12 jarigen (3 ronden van 1 minuut) |
||||
|
136.1.2. |
Jaargang 2: 13 jarigen (3 ronden van 1,5 minuut) |
||||
|
136.1.3. |
Jaargang 3: 14 jarigen (3 ronden van 2 minuten) |
||||
|
136.2. |
Aspiranten worden ingedeeld in de volgende klassen: |
||||
|
136.2.1. |
N klasse: tot en met 3 gewonnen partijen |
||||
|
136.2.2. |
C klasse: van 4 t/m 6 gewonnen partijen |
||||
|
136.2.3. |
B klasse: van 7 t/m 9 gewonnen partijen |
||||
|
136.2.4. |
A klasse: 10 of meer gewonnen partijen. |
||||
|
136.3. |
Bij overgang van aspirant naar cadet gaat men één klasse terug. Bij meer dan 20 gewonnen partijen blijft men in de A klasse tenzij de Aspiranten Commissie anders beslist. |
||||
|
|
Cadetten: |
||||
|
136.4. |
Vanaf de dag dat de 15 jarige leeftijd wordt bereikt tot de dag dat zij de 17 jarige leeftijd bereiken. |
||||
|
136.4.1. |
Jaargang 4: 15 jarigen (3 ronden van 2 minuten) |
||||
|
136.4.2. |
Jaargang 5: 16 jarigen (3 ronden van 2 minuten) |
||||
|
136.5. |
Cadetten worden ingedeeld in de volgende klassen: |
||||
|
136.5.1. |
N klasse: tot en met 3 gewonnen partijen |
||||
|
136.5.2. |
C klasse: 4 tot en met 6 gewonnen partijen, |
||||
|
136.5.3. |
B klasse: 7 tot en met 9 gewonnen partijen, |
||||
|
136.5.4. |
A klasse: 10 of meer gewonnen partijen, |
||||
|
136.5.5. |
Voorts kan de Aspiranten Commissie een aspirant/cadet in de A klasse plaatsen indien zijn/haar prestaties daartoe aanleiding geven. |
||||
|
136.6. |
Bij overgang van cadet naar junior gaat men één klasse terug. Bij meer dan 20 gewonnen partijen blijft men in de A klasse. |
||||
|
136.7. |
Een cadet jaargang 5 kan boksen tegen een 1e jaars junior boksen onder de voorwaarde dat er geen klasse verschil is. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
137.1. |
Aspiranten/cadetten mogen maximaal 12 partijen, inclusief het NK, per wedstrijdseizoen boksen. |
||||
|
137.2. |
Aspiranten/cadetten mogen in Nederland per wedstrijdseizoen maximaal 12 partijen boksen plus de daartoe door de Technische Raad aangewezen partijen behorend tot een competitie of een toernooi. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
138.1. |
NATIONALE ASPIRANTENDAGEN (NAD): Aspiranten/cadetten mogen boksen op speciaal daarvoor georganiseerde aspirantenwedstrijden. |
||||
|
138.1.1. |
De organisatie van een NAD door een erkende vereniging dient te worden aangevraagd bij het bondsbureau en door de Aspiranten Commissie te worden goedgekeurd; |
||||
|
138.1.2. |
Deelname aan een door de Aspiranten Commissie goedgekeurde NAD staat open voor alle geregistreerde aspiranten/cadetten, mits zij voldoen aan de eisen van lidmaatschap en in het bezit zijn van een geldig startbewijs voorzien van een (sport)keuring, niet ouder dan 1 jaar; |
||||
|
138.1.3. |
Voor de organisatie van een door de Aspiranten Commissie goedgekeurde NAD zijn geen wedstrijdgelden verschuldigd; op basis van een declaratie verstrekt de NBB de organisator een bijdrage in de algemene kosten. De maximale bijdrage wordt jaarlijks door het Bondsbestuur vastgesteld; |
||||
|
138.1.4. |
Toeschouwers hebben gegarandeerd vrij entree op Nationale Aspirantendagen. |
||||
|
138.2. |
CLUBORGANISATIES: Aan een cluborganisatie mogen maximaal twee aspiranten of cadetpartijen worden toegevoegd, waarbij aan de volgende voorwaarden dient te worden voldaan; |
||||
|
138.2.1. |
Eén van de aspiranten/cadetten dient lid te zijn van de organiserende vereniging; |
||||
|
138.2.2. |
De partij dient te zijn aangevraagd onder vermelding van de namen van beide boksers, leeftijd en gewichtsklasse, en te zijn goedgekeurd door de Aspiranten Commissie; |
||||
|
138.2.3. |
Behoudens de door de Aspiranten Commissie goedgekeurde partij(en) mogen geen andere partij(en) voor aspiranten/cadetten noch demonstraties worden toegevoegd. |
||||
|
138.3. |
KAMPIOENSCHAPPEN VAN NEDERLAND VOOR ASPIRANTEN: |
||||
|
138.3.1. |
Jaarlijks zal, onder auspiciën van de NBB, een officieel Kampioenschap van Nederland voor aspiranten/cadetten worden gehouden op de daartoe aangewezen NAD’s dan wel op een door de NBB georganiseerde NAD; |
||||
|
138.3.2. |
De organisaties van de NK’s voor aspiranten/cadetten zullen jaarlijks en uiterlijk drie maanden voor de wedstrijddatum daarvan, door de NBB worden vastgesteld en toegewezen in overleg met de Aspiranten Commissie. |
||||
|
138.3.3. |
Alle bepalingen in dit hoofdstuk t.a.v. het aspirantenboksen zijn van toepassing op de NK’s, met dien verstande dat; |
||||
|
138.3.3.1. |
Indien voor het NK voor aspiranten/cadetten voorronden nodig zijn zullen deze worden gehouden op de voorafgaand het NK gehouden NAD. De resultaten tijdens dat NAD zijn bepalend voor de indeling in de finalepartijen van het NK voor aspiranten/cadetten; |
||||
|
138.3.3.2. |
Op het NK voor aspiranten/cadetten kan worden gebokst voor de 3e en 4e plaats; |
||||
|
138.3.3.3. |
De Kampioenen ontvangen een beker; de 2e en eventueel 3e prijswinnaars ontvangen een medaille; |
||||
|
138.3.3.4. |
Aanvullende bepalingen kunnen door het Bondsbestuur in overleg met de Aspiranten Commissie vooraf worden vastgesteld; deze worden bij opening van inschrijving voor deelname aan de NK’s aan de erkende verenigingen kenbaar gemaakt. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
139.1. |
TOEZICHT: |
||||
|
139.1.1. |
Alle wedstrijden voor aspiranten/cadetten in Nederland staan onder toezicht van de leden van de Aspiranten Commissie, welke commissie deel uitmaakt van de Technische Raad; |
||||
|
139.1.2. |
De weging en samenstelling van de partijen, voorafgaande elke NAD, geschiedt onder leiding en verantwoording van de leden van de Aspiranten Commissie; |
||||
|
139.1.3. |
De leden van de Aspiranten Commissie kunnen zich in hun werkzaamheden laten bijstaan door leden van de Technische Raad of leden van een DTC; |
||||
|
139.1.4. |
De kosten van de leden van de Aspiranten Commissie komen ten laste van de NBB. |
||||
|
139.2. |
OFFICIALS: |
||||
|
139.2.1. |
Tijdens NAD zullen tenminste twee scheidsrechters, welke blijkens hun optreden daartoe in aanmerking komen en/of hiervoor als meest geschikt zijn beoordeeld, door de Sr/J Commissie worden opgesteld; |
||||
|
139.2.2. |
Tijdens NAD zullen voorts een ringarts, een door de NBB gelicenseerde wedstrijdadministrateur en timekeeper/speaker worden opgesteld. |
||||
|
139.3. |
ALGEMEEN: Elke NAD dient voor het overige te voldoen aan de bepalingen in het Wedstrijdreglement, sectie algemeen betreffende het organiseren van wedstrijden, met uitzondering van de in dit hoofdstuk vermelde specifieke bepalingen. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
140.1. |
INDELING: |
||||
|
140.1.1. |
Aspiranten/cadetten mogen tegen elkaar boksen, maar met maximaal één jaar leeftijdverschil. |
||||
|
140.1.2. |
Aspiranten in de 1e en 2e jaargang boksen 3 ronden van 1 minuut met een rustpauze van 1 minuut tussen elke ronde. |
||||
|
140.1.3. |
Aspiranten in jaargang 3 boksen 3 ronden van 1,5 minuut met een rustpauze van 1 minuut tussen elke ronde. |
||||
|
140.1.4. |
Aspiranten/cadetten in de 4e en 5e jaargang (Cadet) boksen 3 ronden van 2 minuten met een minuut rustpauze tussen elke ronde. |
||||
|
140.1.5. |
Een 14-jarige aspirant mag boksen tegen een 13-jarige aspirant; in dat geval gelden niet de regels voor aspiranten/cadetten in de A-klasse. |
||||
|
140.1.6. |
Het gewichtsverschil tussen aspiranten/cadetten in één partij mag niet meer bedragen van 3 kilo. |
||||
|
140.2. |
BEOORDELING EN MOGELIJKE UITSLAGEN ASPIRANTEN/CADETTEN: |
||||
|
140.2.1. |
Het aspirantenboksen wordt beoordeeld op techniek, tactiek en correcte treffers. |
||||
|
140.2.2. |
Ruw of incorrect boksen zal door de scheidsrechter worden verboden; indien één der boksers volhardt of beide boksers volharden in een door de scheidsrechter geconstateerde verkeerde bokswijze, zal de scheidsrechter degene die volhardt diskwalificeren en de ander winnaar maken. Indien beide boksers volharden kan de scheidsrechter de partij staken. |
||||
|
140.2.3. |
Indien een bokser de ring wordt uitgestuurd, is diens tegenstander winnaar door diskwalificatie. |
||||
|
140.2.4. |
Bij een door de scheidsrechter geconstateerd te groot klasse verschil dient de partij te worden gestaakt; winnaar is degene die voorstaat op punten. |
||||
|
140.2.5. |
Indien een aspirant-bokser de ring voortijdig verlaat zonder beëindiging van de partij door de scheidsrechter, volgt diskwalificatie. |
||||
|
140.2.6. |
De uitslag van een partij kan zijn; 1. geen uitslag / no contest 2. op punten (o.p.) 3. opgave (opg) 4. diskwalificatie (dis) 5. onbeslist (onb) 6. referee stops contest (RSC), uitsluitend bij cadetten 7. referee stop contest head (RSC.H), uitsluitend bij cadetten 8. walk over. |
||||
|
140.3. |
BIJZONDERE BEPALINGEN: |
||||
|
140.3.1. |
Indien een aspirant/cadet geblesseerd raakt tijdens zijn partij in de 1e ronde, zal geen uitslag worden gegeven. |
||||
|
140.3.2. |
Indien een aspirant/cadet tijdens zijn partij in de 2e of 3e ronde geblesseerd raakt is degene winnaar, die op dat moment op punten voorstaat. |
||||
|
|
|||||
|
|
|||||
|
141.1. |
Aspiranten/cadetten gebruiken handschoenen van 10 Ounces of 12 Ounces. |
||||
|
141.2. |
Aspiranten/cadetten dienen gebruik te maken van kleding en uitrusting als omschreven in artikel 115 van dit reglement. |
||||
|
141.3. |
Aspiranten/cadetten mogen gedurende de wedstrijden worden begeleid door een Trainer/Coach, die in het bezit is van een door de NBB afgegeven licentie “Jeugdtrainer”. |
||||
|
|
|
||||
|
Amsterdam, 12 maart 1988 Wijzigingen bijgewerkt t/m 26 juni 2004. |
|||||